Blog 18: Neurodiversiteit in de topsport | Corrigeren of benutten van afwijkend talent
12 januari 2026
Geschreven door Lieke en Karel Jan Schoutens
Kun jij drie topsporters noemen die openlijk vertellen dat zij autistisch zijn of ADHD hebben? Waarschijnlijk niet. En dat is zeker niet toevallig. Want zo innovatief als de wereld van professionele sporten is als het gaat om trainingsmethoden, voeding, prestatievolgsystemen en accommodaties, zo conservatief is ze als het gaat om neurodivergentie. Conservatief in de zin dat er minimaal aandacht voor lijkt te zijn en er een taboe op het spreken erover lijkt te rusten.
Of zouden er amper professionele sporters met autisme of ADHD zijn? Dat zou vreemd zijn. Topsport vereist immers een obsessieve focus, een sterk oog voor detail, een enorme discipline, een perfectionistisch instelling en soms een hyper zintuigelijke gevoeligheid. Inderdaad, vaardigheden en eigenschappen waar menig autist bovengemiddeld over beschikt. Wie topsport beoefent zal ook heel veel energie moeten hebben. En dat is een voorwaarde waar de meeste ADHD’ers van nature aan voldoen.
Een van de weinige actieve topsporters die zich publieke kenbaar gemaakt heeft als neurodivergent sporter is Lucy Bronze, jarenlang een van de beste voetbalsters ter wereld. Zij heeft zowel autisme als ADHD. In interviews beschrijft ze hoe haar intense focus, haar drive om steeds beter te worden en haar analytische manier van kijken naar het spel direct samenhangen met haar neurodivergentie. Ook vertelt ze dat ze zich lange tijd ‘anders’ voelde binnen teams, moeite had met sociale verwachtingen en het gevoel had zich te moeten aanpassen om te passen binnen de voetbalcultuur.
Lucy’s verhaal laat een belangrijk spanningsveld zien. De professionele sportwereld vraagt om eigenschappen die vaak samengaan met neurodivergentie: extreme focus, veel energie, herhalingsdrang, perfectionisme en gevoeligheid voor details. Tegelijkertijd is er sprake van een sterk gerichtheid op groepsdynamiek en informele hiërarchieën, waarbij van sporters wordt verwacht dat ze als vanzelf verhoudingen aanvoelen en meegaan in ongeschreven regels. En dat is iets waar veel neurodivergente mensen moeite mee hebben. Er is weinig tolerantie voor a fwijkend gedrag: het wordt vaak de kop in gedrukt en leidt al gauw tot sociale afwijzing en pestgedrag.
Hoeveel potentieel talent corrigeert de sportwereld weg, voordat het überhaupt de kans krijgt om te excelleren?
Neurodiversiteit serieus nemen in de topsport betekent niet dat regels verdwijnen of prestaties minder belangrijk worden. Het vraagt om erkenning van het feit dat topprestaties en innovatie vaak ontstaan bij afwijking: bij sporters die dingen anders benaderen. Het vraagt om het vermogen onderscheid te maken tussen gedrag dat schuurt en gedrag dat waarde toevoegt.
